Ga naar de hoofdinhoud

DE FAMILIE BERNADETTE: Hilda Van Neste (°1937)

Van "Ontdek de verhalen van de Gentse Raconteurs"

Ga naar het project

In de reeks 'De Familie Bernadette' brengen we het verhaal van 100 jaar leven in de sociale tuinwijk Sint-Bernadette (1923-2023) aan de hand van getuigenissen van volbloed Bernadettes. Hierbij het verhaal van Hilda Van Neste.

Met haar 6 kinderen, 15 kleinkinderen en 9 achterkleinkinderen heeft Hilda er een rijk gevuld leven opzitten. Noem haar gerust een volbloed Bernadette. Haar moeder woonde al in de wijk, zij zelf en tot het einde ook haar dochter Emilienne, van wie de kinderen hier ook woonden. Vier generaties op rij, dat kan tellen. 

Hilda zag in 1937 het levenslicht en groeide meteen op in de Bernadettewijk. Met uitzondering van een tussenstop van 10 jaar, bleef ze er haar leven lang plakken. In totaal woonde Hilda op drie verschillende adressen in de tuinwijk. Van 1937 tot 1958, van 1968 tot 1981 in nummer 214 en de laatste veertig jaar (1981-2021) in nummer 204.

 

Met 10 kinderen in een piepklein huis zonder badkamer

In 1937 kwam de moeder van Hilda vanuit Sint-Amandsberg richting Lourdesstraat, wat vandaag de Sint-Bernadettestraat heet. Op zich geen noemenswaardig feit, zij het dat de Vanneste-nest in totaal 15 kinderen telde: zes jongens en negen meisjes. En dat in een rijhuisje uit de tuinwijk dat in die tijd nog een stuk krapper was dan op het einde. Hilda: “We beschikten over een schotelhuisje waar je slechts met één persoon tegelijk binnen kon en er was geen badkamer. Wassen gebeurde met een teil, boven in de slaapkamers. En voor het toilet moest je buiten zijn. Daar was een koer met drie stalletjes en een kolenkot. Tja, het leven was in die tijd wel harder.”

Het huisje telde boven slechts twee slaapkamers: vooraan sliepen de jongens, achteraan de meisjes. Telkens met vier kinderen in één bed. Die werden dan in de breedte in het bed gelegd. “Zelf was ik het zevende kind in de rij”, vertelt Hilda. “Ooit hebben we hier met tien kinderen gewoond, in zo’n piepklein huisje. Niet te geloven, toch? Nu hebben de huisjes een badkamer, een toilet, een veranda, een keuken. Maar dat hadden wij allemaal niet.”

De Van Nestes waren in die tijd lang niet het enige grote gezin in de tuinwijk. Hilda: “Je had bijvoorbeeld de Storms, de Cinitello’s, familie Cornette, de Grijps,… “We waren met 15 kinderen zeker geen uitzondering, maar kom, toch wel een echt grote kroost, dat wel”, lacht Hilda. “Wist je dat Miguel Wiels, de muzikant, hier ook vandaag komt? Zijn ouders kwamen ook uit een nest van wel twaalf kinderen.”

Toch meent Hilda dat de mensen het in zeker opzicht vroeger beter hadden dan vandaag. “Ik heb het gevoel dat iedereen toen met minder content was. Neem nu met kleren. Vandaag doen mensen niets anders dan gaan shoppen, maar wij werden twee keer per jaar in het nieuw gestoken, met nieuwjaar en met Pasen. En iedereen vond dat maar normaal.”


De familie Bernadette

Grote gezinnen betekende onvermijdelijk ook vele taken en verantwoordelijkheden. In een sociale tuinwijk heerste een grote samenhang. Mensen waren veel meer aangewezen op de buitenruimte, doordat ze klein behuisd waren. Maar evengoed omdat er dagelijks boodschappen werden gedaan, waardoor je telkens dezelfde mensen tegenkwam. Hilda ziet daar wel een aantal voordelen in: “Dat maakte dat iedereen hier een handje hielp waar nodig. Mensen kwamen bij elkaar kuisen, bereidden samen het eten, deden boodschappen voor elkaar. Dat was nogal vanzelfsprekend. Men deed in die tijd ook de achterdeur niet op slot: buren kwamen gewoon binnen, dat was doodnormaal.”

Zelf heeft Hilda zes kinderen, waarvan 5 van bij haar eerste man. Die zorgde niet goed voor haar, waardoor ze er als moeder vaak alleen voor stond. Hilda: “Ik heb zelf gewerkt tot het vierde kind er aan kwam. Daarna was het echt niet meer te combineren. Maar ik heb wel ook de drie kinderen van mijn tweede man opgevoed. Ik kan niet zeggen dat ik veel heb stil gezeten in mijn leven”, zucht Hilda. Intussen staat er 84 jaar op de teller en heeft Hilda naast haar tweede man ook al drie kinderen moeten laten gaan. Neen, ze is in het leven niet gespaard.


De openbare onderstand

Hilda is een oorlogskind. Wanneer we die periode ter sprake brengen, gaat haar blik strak staan. “Ja, dat zijn toch jaren die je als mens nooit vergeet. Zeker omdat we nog maar een kind waren toen we het meemaakten. Ik hoor die sirenes nog loeien. Dat was het teken om zo snel mogelijk te vluchten naar de openbare onderstand. Zo werd de schuilkelder hier genoemd.” Hilda weet ons die nog precies aan te wijzen: onder het pleintje aan de school Het Tandwiel. “Ik weet nog goed dat we eerst zo rap mogelijk alle lichten moesten doven thuis. Zodat de vijand ons niet zou opmerken. Daar waren de ouders onverbiddelijk in. En daarna was het rennen geblazen. We zaten daar met vele bewoners van Bernadette bij elkaar, veilig onder de grond. Maar het gebeurde wel eens dat je te laat aankwam. In dat geval moesten we zo snel mogelijk de gracht in duiken en hopen dat het snel voorbij zou zijn.”


Werken in de ‘grasfabriek’

Kinderen kenden vroeger slechts een korte jeugd. Vanaf 14 jaar was de speeltijd voorbij. Dat was bij Hilda niet anders. “Op mijn veertiende werd ik naar ‘de grasfabriek’ gestuurd, een textielfabriek naast Vynckier. Omdat we zo vroeg moesten beginnen, trokken we er te voet naar toe.     


Feesten en ontspannen

Mensen gingen eertijds veel minder op reis. En als dat al gebeurde, dan vaak in eigen land: een weekje Belgische kust of naar de Ardennen. Dat was in een sociale tuinwijk als Bernadette zeker niet anders. Vele bewoners hadden het niet zo breed en brachten de zomer gewoon thuis door. Dat maakte de gebuurtefeesten net zo belangrijk. “Vroeger had je in Gent heel wat gebuurtefeesten en wijkkermissen”, getuigt Hilda. Zo was er de reuzenstoet en de pyjamastoet voor kinderen, als afsluiter van de feesten. Daar werd echt naar uitgekeken. Mensen verkleedden zich vroeger ook gemakkelijker dan vandaag het geval.

 

Buurtwinkels en broodrondes

De vele buurtwinkels die de voorstraat rijk was, heeft Hilda een voor een zien verdwijnen. “We hadden hier vroeger alles: een bakker, een melkboer die langs kwam, wel drie slagers, zes cafés en twee coiffeuses. Ik herinner me wel nog dat we als kind onze haren soms met bier wasten om er mooie papillotten en strikken in te maken.”

“De bakker had zijn eigen broodronde, wat toch wel een gemak was”, herinnert Hilda zich. “Als hij hier voor de deur halt hield, riep mijn moeder: “Jantje, zeven grote broden, leg ze maar beneden aan de trap”. Dat soort vertrouwen was vanzelfsprekend toen.”

Portret: Karen Simal

Reacties

om te kunnen reageren.
Totaal aantal likes: 2, totaal aantal dislikes: 0
. Log in om te reageren.

Delen

Geplaatst door

Profiel van David S.David S. op 21 september 2023

Huidige status

gezien

Tags

Wonen
Dampoort

Locatie

Unable to display map. WebGL2 support is required.
Ensure that your browser and hardware meet the minimum requirements.
https://esriurl.com/webgl-faq
Powered by Esri