DE FAMILIE BERNADETTE: Marie-Jeanne Verhelst (°1946)
Van "Ontdek de verhalen van de Gentse Raconteurs"
Ga naar het project

In de reeks 'De Familie Bernadette' brengen we het verhaal van 100 jaar leven in de sociale tuinwijk Sint-Bernadette (1923-2023) aan de hand van getuigenissen van volbloed Bernadettes. Hierbij het verhaal van Marie-Jeanne Verhelst, opgetekend door Raconteur Sam.
Dat Marie-Jeanne Verhelst een volbloed Bernadette is, merk je al van in de entree van haar nieuwe woning in de Spijkstraat. Het opgehangen diploma aan de muur wijst er op haar jarenlange inzet voor de dekenij Bernadette, in 1946 opgericht door niemand minder dan haar vader. Zelf zou ze zich er een heel leven hard voor inzetten. Het verlaten van de Bernadettewijk na 75 jaar er te hebben gewoond, was zwaar. Maar nu heeft ze er vrede mee. Zeker met een rugzak vol mooie herinneringen en aloude vriendschappen.
75 jaar Bernadette
Geboren en getogen in de Bernadette wijk: zo kan je Marie-Jeanne in één zin omschrijven. Een echte Bernadette, dat is ze zeker. 75 jaar lang heeft ze er gewoond. Haar grootouders langs beide kanten woonden in de wijk en voor haar vader was de wijk 92 jaar lang zijn thuis. Vanaf 1946, Marie-Jeannes geboortejaar, kon je in de Bernadettewijk maar liefst 3 generaties van de familie Verhelst aantreffen. “Mijn eerste eigen huis was zelfs het huis van mijn grootmoeder, het tweede huisje naast de poort”, zo beschrijft Marie-Jeanne het. “We waren altijd met zes thuis. Mijn ouders woonden op een appartement met maar twee slaapkamers. Toen ik geboren werd, zijn we verhuisd naar een woonhuis aan de voorstraat. Zo kwamen we van vanachter naar vooraan in de wijk.”. Qua drukte viel dat al bij al goed mee. Marie-Jeanne deelde een slaapkamer met haar zus, net als haar twee broers dat deden. En tegen het moment dat haar jongste zus werd geboren werd, woonde haar oudste broer al ergens anders. Zo bleef het gezin altijd met zes in het huis wonen.
Ook haar zoon bleef nog een tijd lang in de Bernadettewijk wonen. Marie-Jeanne: “Mijn kleinkinderen kwamen in die tijd iedere woensdagmiddag bij mij eten.
Levendige scholen en winkels
Marie-Jeanne liep als kind school in de wijk. “Ter hoogte van de huidige appartementen, stonden vroeger barakken”, herinnert ze zich nog goed. “Daar heb ik nog in de kleuterklas gezeten. Daarna zijn ze beginnen bouwen aan de stadsschool.” In haar tijd trokken zo’n 500 leerlingen naar de stadsschool. Dat gebeurde met de nodige begeleiding, legt Marie-Jeanne uit. “Een meester kwam dan ’s ochtends vroeg via tram of bus naar Oostakker, om er de plaatselijke kinderen op te halen. Want in die tijd telde Oostakker nog niet veel scholen.” Dat verklaart het grote aantal leerlingen in de Bernadettewijk. Ook Marie-Jeannes vier kinderen gingen destijds met plezier naar de stadsschool gegaan. In totaal telde de Bernadettewijk maar liefst drie scholen: de stadsschool, de school van de broeders en die van de zusters.
Daarna waren er ook vele winkels. Groentewinkels, kruideniers, een kapper, bakkers, klerenmakers, fietsenwinkels, slagers, … noem maar op. De Bernadettes konden zo goed als alles vinden in de buurt. “Bij Maria’tje kon je snoep kopen”, herinnert Marie-Jeanne zich nog goed. “Mijn grootmoeder had ook een winkel. Zelf heb ik er niet veel geholpen, want ik was nog klein. Maar mijn ouders staken daar wel een handje toe”. Verder telde de wijk ook nog 4 cafés. Zelf kwam Marie-Jeanne er niet vaak over de vloer, in tegenstelling tot haar ouders. Een familie-uitstap beperkte zich tot een bezoek aan de markt Gent centrum. Maar zelfs dat gebeurde maar sporadisch.
Om vrienden te zien, moest Marie-Jeanne nooit ver lopen en de wijk werd gekenmerkt door een goede sfeer. “Iedereen kende iedereen, en het belangrijkste, iedereen hielp ook iedereen”, vertelt Marie-Jeanne opgewekt. “Vroeger speelden we heel veel op straat, omdat er nog niet veel verkeer was. En hier en daar werd er dan ook wat kattenkwaad uitgestoken”, lacht Marie-Jeanne. “En met vriendinnen gingen we samen naar de turnles”.
Kantelpunt in 1992
1992 betekende voor Marie-Jeanne een kantelpunt in het leven in de Bernadettewijk. “In dat jaar werden de huizen verbouwd”, licht ze toe. “Dat was op zich wel een stap vooruit: we kregen nieuwe ramen en deuren en een bijbouw met een aparte badkamer en keuken. Mijn grootvader had ooit een stenen veranda gebouwd. Die hebben wij destijds zelf omgebouwd tot keuken en badkamer.” Maar de vernieuwing van de woning trok ook heel wat nieuwe bewoners aan. Marie-Jeanne: “Met de nieuwe mensen had ik niet meteen een band, wat ik best wel jammer vond.”
Een geëngageerde Bernadette
Meteen als je binnenkomt in haar nieuwe woning in de Spijkstraat, merk je dat Marie-Jeanne een volbloed Bernadette is geweest. Al in de inkom verwijst een diploma aan de muur, op haar jarenlange inzet voor de dekenij. “Mijn vader heeft die nog mee opgericht”, vertelt ze met de nodige trots. De dekenij ontstond in september 1946, een half jaar na haar geboorte. De koffietafels, de kermis, de stoet,… bij alle activiteiten stak Marie-Jeanne mee de handen uit de mouwen om te helpen. De laatste jaren was het in zaal Nova waar de Bernadettes samen kwamen om te eten, te lachen en te praten, vaak met een amusante show erbij. Ook toen stond Marie-Jeanne telkens paraat.
De dekenij hield het niet bij activiteiten in de wijk, maar durfde al eens een stapje in de wereld te zetten. Marie-Jeanne: “Zo gingen we wel vaker op uitstap met de gepensioneerden uit de wijk. Nooit ver weg, maar het was wel altijd een mooie ervaring. Het schoenmuseum, het kappersmuseum,… we bezochten het allemaal. Of we trokken samen naar de dierentuin of namen een frisse duik aan zee. Ik was er telkens bij.”
Een nieuwe buurt, maar de band met Bernadette blijft
Na de dood van haar man, in 2005, vond Marie-Jeanne dat het tijd was om te verhuizen. Maar door verschillende omstandigheden heeft ze nooit het huis gekregen dat ze voor ogen had. “Ik ben in de Bernadettewijk blijven wonen tot ik het bericht kreeg dat ik moest verhuizen. Van die mededeling ben ik echt niet goed geweest. Ik was er ziek van. Het liefst was ik er mijn hele leven blijven wonen.”
Maar de band met de Bernadettes is er nog, verzekert Marie-Jeanne ons. “Soms bel ik nog naar vrienden van toen. Of zij bellen mij. Gelukkig wonen sommigen hier nog dichtbij. Soms neem ik de bus naar de Bernadettewijk om eens te gaan kijken of om met iemand af te spreken.”
In april 2021 verhuisde Marie-Jeanne naar een appartement in de Spijkstraat. Gelukkig heeft ze ook daar goede buren. “En het tuintje is ook wel echt een troef”, vertelt ze zichtbaar tevreden. “Ik heb het samen met andere bewoners helemaal opgeknapt en versierd. Bij goed weer is het heel gezellig en rustig om er te zitten. Eigenlijk woon ik hier graag”, geeft Marie-Jeanne toe. “Een groot voordeel is dat alles beneden is. Trappen zijn nu moeilijker geworden voor mij. Dat begon in haar woning in de Bernadettewijk wel te wegen. Maar zie, daar hoef ik me geen zorgen meer in te maken.”
Foto: Bernadette Vandevelde
