Ga naar de hoofdinhoud

DE FAMILIE BERNADETTE: Martine De Regge (°1957)

Van "Ontdek de verhalen van de Gentse Raconteurs"

Ga naar het project

In de reeks 'De Familie Bernadette' brengen we het verhaal van 100 jaar leven in de sociale tuinwijk Sint-Bernadette (1923-2023) aan de hand van getuigenissen van volbloed Bernadettes. Hierbij het verhaal van Martine De Regge, voormalig Gents schepen en kind van de sociale tuinwijk Sint-Bernadette, opgetekend door Raconteur Arthur Carton.

Martine De Regge is sinds 2022 met pensioen. Als kind van de Bernadettewijk wist ze het te schoppen tot Gents schepen, met diverse bevoegdheden. De Gentenaren kennen haar als een geëngageerd medemens, terwijl heel wat oudere Bernadettes zich haar wellicht herinneren als voormalige klasgenoot uit de lagere school of als speelkameraad van op straat. Martine kwam als derde kind in een reeks van vijf in een gezin waar het sociaal engagement met de paplepel werd meegegeven. Tijdens haar kinder- en tienerjaren verhuisde ze maar liefst driemaal, telkens binnen de Bernadettewijk. Sommige takken in haar familieboom reiken zelfs tot 4 generaties ver in deze wijk. Dat maak Martine tot een Bernadette pur sang.

Tijdens de rondleiding door de stedelijke basisschool Het Tandwiel, in het hart van de wijk, haalt Martine een heleboel herinneringen op. Ze maakt daarbij gretig gebruik van een persoonlijk archief aan foto’s en documenten. In haar ogen vormde de school een van de belangrijkste draaischijven van de Bernadettewijk. Noem het gerust een brede school avant-la-lettre.

 

De groei van familie De Regge

Martine heeft zowat haar hele jeugd in de Bernadettewijk gewoond en ook haar beide ouders groeiden hier op.

Martine: “De kwaliteit van de huizen en de verbondenheid met de familie, de buurt en haar bewoners deden ons besluiten om hier te blijven. Mijn broer Tony is hier lang aan de voorstraat blijven wonen, dicht bij Café Neptune en ook mijn oudste broer, Eric, bleef er met zijn zoon nog een tijd wonen.” 

Vlak na het huwelijk van Martine haar ouders, trok het gezin De Regge met de drie kinderen bij de bompa in. Rond 1960 verhuisde het gezin een eindje verder in de Sint-Bernadettestraat. Martine: “Mijn ma verwachtte toen immers haar vierde kind, mijn broer Tony. Het huis van bompa was daarmee te klein geworden. Dat was er eentje te veel die voor drukte ging zorgen, vond hij (lacht).”

Maar zelfs daar barstte het typische Bernadettehuisje al snel uit zijn voegen. Met ondertussen een vijfde kind erbij, bouwde Martines pa een veranda aan het huis, met het oog op wat meer leefruimte. “En zelfs dan bleef het heel krap”, herinnert Martine zich. “Die aanbouw werd dan de keuken, want het ‘schotelhuis’ was veel te klein voor de was en de plas van het 7-koppige huishouden! Niks was evident, maar we deden de boel draaien.”

 

Op zaterdag naar school voor een stortbad

Net zoals zovele Bernadettes trok ook het gezin De Regge op zaterdag naar de school voor het nemen van een stortbad. De school had een heel badhuis aangelegd, omdat de huizen in de wijk geen eigen badkamer hadden. Martine: “Dat was een heel sociaal gebeuren. Je kwam daar altijd de kinderen van de andere grote gezinnen tegen. En dat douchen kostte twee keer niets. Dat kon ook niet anders, want bij velen was het enkel de vader die toen voor een inkomen zorgde.”

“De mensen zaten hele dagen buiten in hun voortuintje en iedereen sprak met iedereen”, vertelt Martine. Toch bleek het onderhoud van die voortuintjes een discussiepunt: kwam dat de bewoners of de huisvestingsmaatschappij toe? Die onduidelijkheid leidde tot heel wat willekeur: het ene gezin deed dat wel, het andere niet. Dat kon nogal lelijk uitvallen”, lacht Martine. Het gevolg was dat de voortuintjes met de renovatie van de woningen en de heraanleg van de straten, halfweg de jaren 70 voorgoed verdwenen.”

 

Eindelijk een eigen slaapkamer

Bij die grootschalige renovatiebeweging in de wijk kreeg elke woning een eigen badkamer. Martine verhuisde toen, met haar moeder, Emilienne en haar 2 jongere broers naar de voorstraat van de wijk, recht tegenover de bakker. “Het was het eerste huis in de wijk met een keuken, die naam waardig, en een eigen badkamer in een nieuwe aanbouw” , herinnert Martine zich. “Plots beschikte ieder gezin over een ligbad, stel je voor. En voor het eerst beschikte ik, op mijn 18de, over een slaapkamer voor mezelf. Tot dan deelde ik een slaapkamer met mijn twee jongste broers. Dat was niet evident om te studeren: dat gebeurde dan op de kamer van mijn ouders, tot zij gingen slapen en ik dan maar naar beneden verkaste.”

Martine ziet gelijkenissen met de ruimteproblemen die grote gezinnen ervaarden tijdens de coronaperiode: “De situatie tijdens de lockdown was soms schrijnend, zeker voor gezinnen zonder buitenruimte. Wij hadden in de tijd gelukkig nog ons tuintje, en een zalige buurt om buiten te spelen. Het was toen ook zo veel gemakkelijker, geen tv of computer die je binnen hield en maar weinig auto’s die je van de straat weerden.”

 

Buiten spelen = leren samenleven

Alle kinderen van de wijk vertoefden hele dagen buiten. Dankzij de grote gezinnen waren er ook altijd genoeg speelkameraadjes om samen mee op avontuur te trekken. Zoals bijvoorbeeld Martine haar overburen, de familie Wiels, een nest met wel 12 kinderen. “Wat we zoal deden, als kind?”, vraagt Martine zich luidop af. “Rolschaatsen, kikkers en salamanders vangen in de gracht, samen naar Lourdes fietsen om er in de grotten verstoppertje te spelen, ravotten aan het treinstation van Oostakker, enzovoort.”

De sociale Bernadettewijk was op dat vlak ook verdraagzaam en geduldig. Achter restaurant Ter Toren stond achterin de wijk de houten barak van ‘bompa Pycke’. Die hield daar duiven. Voor De kinderen van de wijk werd het braakliggende terrein een vaste stek om te spelen. “Het was eigenlijk verboden terrein voor ons, maar dat werd door de vingers gezien. Want ja, welk kind heeft er niet gespeeld op plaatsen waar het niet mocht?”

Martine leerde er als jong meisje dat problemen het best opgelost worden met begrip.

Naarmate ze ouder werden, trokken de kinderen meer weg uit de wijk, richting stadscentrum. Zo ging Martine vanaf haar 12de elke week zwemmen met haar vriendinnen. Geen enkel Gents zwembad is haar vreemd. Martine: “Het vaakst trokken we naar de Van Eyck. Ze hebben daar nog altijd publieke ligbaden, zoals vroeger.”

 

Een wijk in tweestrijd

Op de vraag of de wijk socialistisch gezind was, antwoordt Martine resoluut: “Jazeker, de Bernadette was opvallend rood gekleurd, net als ik. Er is wel altijd sprake geweest van een tweestrijd tussen de socialisten en de katholieken.” De wijk, met een heilige in de naamgeving, zag vaak stoeten en processies passeren richting bedevaartsoord Lourdes: Martine: “Als het een stoet van de katholieken betrof, stonden sommige Bernadettes gegarandeerd aan hun voordeur met gebalde vuist in de lucht.”

Omgekeerd gold het evenzeer: In de Nova, het katholieke centrum in de Sint-Bernadettestraat, werd ook van alles georganiseerd. “Maar daar trokken wij niet vaak naartoe, omdat we er ons niet welkom voelden. Er werd in zekere zin wat neergekeken op het volk uit de sociale woonwijk.”

De Bernadettewijk telde destijds meer dan genoeg cafés, waaronder Bierfonteintje, de Neptune, de Nova en De Wachtzaal. Naar de ene gingen de rooien, naar de andere de katholieken. “Er woonden zware kalibers in de wijk, beruchte families die ferm wat konden verzetten,” getuigt Martine. Dat maakte dat de Bernadettes een zware reputatie kenden, een beetje zoals het volk uit de Brugse Poort.”

Indertijd waren er ook veel familievetes, weet Martine. “Families van elders kwamen dan ruziemaken in de Bernadettewijk, op café en zelfs op de feesten van het schoolcomité. Niemand keek daar toen van op.”

 

Naar een school met een dubbele entrée

Wat volgens Martine nauwelijks onderschat kan worden, is de rol van de stadsschool in de wijk. Martine: “Vroeger heette die school gewoon ‘Stadsschool Bernadettestraat’, nu gekend als ‘Het Tandwiel’. Het belang van goed onderwijs werd door het schoolcomité, waar de De Regges prominent deel van uitmaakten, hoog in het vaandel gedragen. Een missie die zich vertaalde naar de hele wijk.

Martine trok, zoals veel speelkameraadjes uit de wijk, naar de stadsschool. Die stond met haar toegang gericht naar de wijk. “Die oriëntatie vormde voor heel wat mensen van buiten de wijkpoorten een grote symbolische drempel.

Ook de schoolplicht, die in die tijd slechts tot 14 jaar gold, droeg bij aan de slechte reputatie van de school, beweert Martine. “Ik heb nog in de klas gezeten met gasten van 14 jaar. In het zesde studiejaar! Zij deden dat jaar gewoon drie keer opnieuw, en gingen daarna uit werken in plaats van naar het middelbaar.”

Het zorgde ervoor dat de gezinnen die net buiten de wijk woonden hun kinderen veel sneller naar elders stuurden, zoals naar de rijksschool in Sint-Amandsberg, ook al was dat een eind verder.

Met de verbouwingen van de school Het Tandwiel is een nieuwe hoofdingang voorzien aan wat vroeger de de achterkant was. “Een grote meerwaarde die al veel eerder had moeten doorgevoerd zijn,” zegt Martine opgelucht.“ Beide ingangen moeten behouden worden, zodat de school zich openstelt voor mensen van binnen én buiten de wijk.” Mijn pa zou heel content zijn mocht hij dit vandaag nog mogen hebben meemaken!” 


Brede School avant-la-lettre

Martines grootvader, Maurice De Regge, heeft via het schoolcomité veel gedaan voor de school. Hij geloofde in het stedelijk onderwijs en de kwaliteit ervan en was doordrongen van het belang van goed onderwijs als basis voor een goede toekomst voor de kinderen. Martine: “Hij zette zich voor deze zaak in, samen met mensen die in de vakbond en in de toenmalige BSP (Belgische Socialistische Partij) actief waren.” Ze toont ons zijn herdenkingskaartje, waarop vermeld staat: ‘Het welzijn van het kind lag hem zeer na aan het hart.’

De stadsschool vormde een soort experiment waar het schoolcomité zich serieus voor engageerde. Het was een prototype brede school avant-la-lettre, waar heel wat buitenschoolse activiteiten plaatsvonden, goed voor het versterken van de sociale contacten in de wijk.

Martine: “Er werd hier veel meer gedaan dan enkel les geven. Zo had je op woensdagavond turnles, gegeven door socialistisch vakbondslid Achilles Van Heyste. Die woonde op Lourdes, maar stuurde zijn kinderen toch hier naar school. Ik turnde hier met veel andere kindjes uit de wijk en onze vereniging vormde een mooie toevoeging aan de jaarlijkse 1 mei-optocht. Het was een socialistische turnclub, die haar stek had in de school. Daar ging de school prat op: iedereen die een aanvraag indiende om het schoolgebouw te gebruiken voor welke activiteit dan ook, was meer dan welkom.

Op zondagochtend was er Franse les. “Dat was bij meneer De Rie”, vertelt Martine. “Die mens zal ik nooit vergeten. Ook al woonde hij al die jaren in de verderop gelegen Scheepslossersstraat, iedere zondagochtend kwam hij hier op vrijwillige basis Franse les geven, wat heel wat kinderen aantrok. Ik heb er zelf mijn talenkennis aan te danken, wat mij doorheen mijn leven al serieus van pas is gekomen.”

Ook de mama’s bleven niet bij de pakken zitten. Zo organiseerden de Socialistisch Vooruitziende Vrouwen (SVV) ’s avonds naailessen. Martine: “Dat was erg nuttig. Niet alleen viel het zelf maken van eigen kledij veel goedkoper uit dan kleren kopen, maar ook konden de vrouwen uit de wijk zich zo emanciperen. In plaats van altijd thuis te zitten, kregen ze nu de gelegenheid om elkaar op te zoeken”, zegt Martine. “Mijn mama zat daar ook bij. Ze naaide er kleren voor het hele gezin, zelfs voor mijn poppen.” Iedereen droeg dus mooie, zelfgemaakte kleren. De SVV stonden ook in voor de carnavalkostuums. De naailessen wierpen duidelijk hun vruchten af. Martines foto’s zijn daar het bewijs van. Martine: “Kijk, hier, eentje met directeur De Vos. Zie ze stralen! Ze paradeerden trots door de wijk in hun mooie, zelfgemaakte kleren.”

 

De school als kloppend hart van de wijk

En de vele foto’s vertellen hun verhaal. Martine toont ons het allereerste schoolcomité van de Gentse stadsscholen, opgericht in de Bernadetteschool. Mijn opa Maurice was daar zeer nauw bij betrokken. Die stond heel erg achter het officieel onderwijs. Voor de vrijzinnige gezinnen was dat belangrijk: dat er gekozen kon worden tussen de les godsdienst en de les zedenleer.”

Ook enkele nonkels van Martine bleken erg actief betrokken bij de school. Zo was nonkel Georges er geluidstechnieker. Leo Martin kwam hier ieder jaar optreden met zijn orkest, waar ook de Gentse jazzmuzikant Bert Joris deel van uitmaakte. Zelfs Koen Crucke, toen nog maar 15 jaar, heeft hier nog op de planken gestaan. Die kon schoon zingen.”

Naast de optredens waren er ook muzieklessen, maar daar kan Martine, wegens haar karig muzikaal talent, weinig over vertellen. “Wel organiseerde ik mee de muziekquiz, naar het voorbeeld van een destijds heel populaire muziekquiz op tv.”

De familie De Regge speelde ook altijd een rol in de toneelopvoeringen in de grote zaal van de school. De toneelvereniging, die heel wat Bernadettebewoners tot haar leden mocht rekenen, droeg een toen typisch socialistische naam: Naar Beter Streven. “Zo bracht het schoolcomité een beetje cultuur naar de wijk, ook al was dat vooral het populaire genre.

Het schoolcomité bracht met zijn vele activiteiten leven in de wijk. Zo was er de jaarlijkse Vlaamse foor. Martine: “Die duurde hier een heel weekend; de speelkoer van de school stond dan vol met kraampjes: schietkramen, eendjes vissen, je kent dat wel. In de grote zaal was er cafetaria en er was ook altijd een tombola, met een waardevolle hoofdprijs en goedkope lotjes.”

Iedere maand werd tweemaal op vrijdagavond de grote zaal van de stadsschool omgetoverd tot een bioscoop. “De opbrengst van de entrée volstond net om de huur van de film te bekostigen”, herinnert Martine zich. “De winst op de verkoop van de drankjes en de lotenverkoop tijdens al die activiteiten diende voor de aankoop van Sinterklaasgeschenken voor de kinderen, de organisatie van het carnaval of naar de Paasfeesten.”

En dat er gefeest werd in de school! Martine: “Onze zaal was een polyvalente zaal in de volle betekenis van het woord. Carnaval, Pasen, het Sinterklaasfeest… Volk dat daar op afkwam! ‘k Heb er allemaal foto’s van, zelf nog uit de jaren 40.” Op die foto’s valt te zien hoe groot en goed geëquipeerd dat allemaal was. Zoals het professioneel ogende toneelpodium, met op de bühne een luik naar de kelder, zware gordijnen, coulissen, lichtspots met bediening,…

Martines ouders bleven hier nog heel lang actief in het schoolcomité, haar vader als secretaris. Martine: ”Ze bleven er plakken lang nadat hun kroost de schoolbanken had verlaten. Een engagement dat vele families uit de wijk kenmerkt. Zelf herinner ik mij de families De Roose, Vandesompel, De Smet, De Blije, …“Ikzelf zat ook jaren in dat comité en heb helaas zo de leegloop van de school meegemaakt. Naarmate de kinderen opgroeiden, kwamen er steeds minder leerlingen naar de school. Het nut van buitenschoolse activiteiten slonk daardoor zienderogen.”

Martine herinnert zich de school als een sociale en socialistische draaischijf, en dat heeft ze allemaal te danken aan het engagement van mensen als directeur De Vos. “Veel van de kinderen uit de Bernadettewijk moesten het stellen met maar weinig kansen. De missie om daar verandering in te brengen, werd door iedereen gedragen. Zelfs de poetsvrouwen bleven enkele uurtjes langer, om dan te helpen met de opkuis.”

Op een foto uit 1943 gunt Martine ons tot slot een blik op de klas van haar ma. Ze merkt dat de school doorheen de jaren niet veel is veranderd: “De school werd in dezelfde periode als de huizen gebouwd, begin jaren 1920. De hele wijk werd in één beweging opgebouwd. Helaas gaat ze ook in één beweging tegen de vlakte, het protest van de Bernadettes ten spijt… Maar er staat wel een nieuwe school!

Foto: Karen Simal

Reacties

om te kunnen reageren.
Totaal aantal likes: 2, totaal aantal dislikes: 0
. Log in om te reageren.

Delen

Geplaatst door

Profiel van David S.David S. op 27 september 2023

Huidige status

gezien

Tags

Erfgoed
Buurtleven
Wonen
Zwembad Neptune
Dampoort

Locatie

Unable to display map. WebGL2 support is required.
Ensure that your browser and hardware meet the minimum requirements.
https://esriurl.com/webgl-faq
Powered by Esri